Part of
Constructing Languages: Norms, myths and emotions
Edited by Francesc Feliu and Josep M. Nadal
[IVITRA Research in Linguistics and Literature 13] 2016
► pp. 265281
References (32)
Referencias
Behaegel, Pieter. s.a. [c. 1829]. Nederduytsche Spraakkunst. Derde boekdeél. Brugge: De Moor.Google Scholar
De Groof, Jetje. 2004. Taalpolitiek en taalplanning in Vlaanderen in de lange negentiende eeuw. Tesis doctoral. Brussel: Vrije Universiteit Brussel.Google Scholar
Deneckere, Marcel. 1954. Histoire de la langue française dans les Flandres (1770–1823). Gent: Romanica Gandensia.Google Scholar
De Ridder, Paul. 1999. “The use of languages in Brussels before 1794”. En Secretum Scriptorum. Liber alumnorum Walter Prevenier, Wim Blockmans, Marc Boone, and Thérése De 
Hemptinne (eds.), 145–164. Leuven: Garant.Google Scholar
Des Roches, Jan. s.a. [1761]. Nieuwe Nederduytsche Spraek-konst. Derden Druk, oversien en verbetert doór den Autheur. Antwerpen: Grangé, J.M. van der Horst (ed.). 2007. Münster: Stichting Neerlandistiek VU/Nodus.Google Scholar
De Vos, Hendrik J. 1939. Moedertaalonderwijs in de Nederlanden. Een historisch-kritisch overzicht van de methoden bij de studie van de moedertaal in het middelbaar onderwijs sedert het begin van de 19e eeuw. Turnhout: Van Mierlo-Proost.Google Scholar
De Vries, Jan W., Roland Willemyns, and Peter Burger. 1993. Het verhaal van een taal. Negen eeuwen Nederlands. Amsterdam: Prometheus.Google Scholar
Elias, Hendrik J. 1963. Geschiedenis van de Vlaamse gedachte. De grondslagen van de nieuwe tijd (1780–1830). Vol. 1. Antwerpen: De Nederlandsche Boekhandel.Google Scholar
Goossens, Jan. 2008. Dialectgeografische grondslagen van een Nederlandse taalgeschiedenis. 
Tongeren: G. Michiels.Google Scholar
Henckel, Frans L.N. 1815. Nieuwe Vlaemsche spraek-konst. Gent: P.F. de Goesin-Verhaege.Google Scholar
Janssens, Balduinus. s.a. [1775]. Verbeterde Vlaemsche spraek- en spel-konste. Brugge: Joseph De Busscher.Google Scholar
Milroy, James, and Lesley Milroy. 1985. Authority in language. Investigating language prescription and standardisation. London: Routledge and Kegan Paul.Google Scholar
P. B. [Bincken, P.?]. 1757. Fondamenten ofte Grond-Regels der Neder-Duytsche Spel-Konst. 
Antwerpen: Hubertus Bincken.Google Scholar
Rutten, Gijsbert Johan, and Rik Vosters (col.). 2011. Een nieuwe Nederduitse spraakkunst. Taalnormen en schrijfpraktijken in de Zuidelijke Nederlanden in de achttiende eeuw. Brussel: VUB-Press.Google Scholar
. 2011. “As many norms as there were scribes? Language history, norms and usage in the Southern Netherlands in the nineteenth century”. En Language and history, linguistics and historiography. Interdisciplinary approaches, Nils Langer, Steffan Davies, and Wim Vandenbussche (eds.), 229–254. Oxford/Bern: Peter Lang.Google Scholar
Sluys, Alexis. 1912. Geschiedenis van het onderwijs in de drie graden in België tijdens de Fransche overheersching en onder de regeering van Willem I. Gent: Koninklijke Vlaamsche Academie voor Taal- en Letterkunde/Siffer.Google Scholar
Smeyers, Jos. 1959. Vlaams taal- en volksbewustzijn in het Zuidnederlands geeetesleven van de 18de eeuw. Ghent: Scretarie der Academie.Google Scholar
Suffeleers, Tony J. 1979. Taalverzorging in Vlaanderen. Een opiniegeschiedenis. Brugge/Nijmegen: Orion/Gottmer.Google Scholar
Van Aerschot, M. 1807. Nieuwe Nederduytsche spraek- en spel-konst. Turnhout: J.H. Le Tellier.Google Scholar
Vandenbussche, Wim. 2003. “Status, spraak en schone schijn. Het taalgebruik van de toplaag in 19de-eeuws Vlaanderen”. En Artikelen van de Tweede Sociolinguistische Anéla-Conferentie, Tom Koole, Jacomine Nortier y Bert Tahitu (eds.), 479–485. Delft: Eburon.Google Scholar
. 2004. “Triglossia and pragmatic variety choice in 19th century Flanders. A case study in historical sociolinguistics”. Journal of Historical Pragmatics 5 (1): 27–47. DOI logoGoogle Scholar
Van der Horst, Joop. 2004. “Schreef J.B.C. Verlooy echt zo gebrekkig? Het 19de/20ste-eeuwse beeld van de 18de eeuw getoetst”. Verslagen en Mededelingen van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde 114 (1): 71–82.Google Scholar
Van der Sijs, Nicoline. 2004. Taal als mensenwerk. Het ontstaan van het ABN. Den Haag: Sdu.Google Scholar
Van Loon, Jozef. 1989. “Een peiling naar het ontstaan van het Zuidnederlandse accusativisme”. Tijdschrift voor Nederlandse taal- en letterkunde 105: 209–223.Google Scholar
Vosters, Rik. 2011. Taalgebruik, taalnormen en taalbeschouwing in Vlaanderen tijdens het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. Een historisch-sociolinguïstische verkenning van vroeg-negentiende-eeuws Zuidelijk Nederlands. Tesis doctoral. Brussel: Vrije Universiteit Brussel.Google Scholar
. 2013. “Dutch, Flemish or Hollandic? Social and ideological aspects of linguistic convergence and divergence during the United Kingdom of the Netherlands (1815–1830)”. En Ideological conceptualisations of language in discourses of linguistic diversity, Erzsébet Barát y Patrick Studer (eds.), 35–54. Frankfurt: Peter Lang. Google Scholar
Vosters, Rik, Gijsbert Rutten, and Marijke van der Wal. 2010. “Mythes op de pijnbank. Naar een herwaardering van de taalsituatie in de Nederlanden in de achttiende en negentiende eeuw”. Verslagen en Mededelingen van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde 120 (1): 93–112.Google Scholar
Vosters, Rik, Gijsbert Rutten, Marijke van der Wal, and Wim Vandenbussche. 2012. “Spelling and identity in the Southern Netherlands (1750–1830)”. En Orthography as social action. Scripts, spelling, identity and power, Alexandra Jaffe, Jannis Androutsopoulos, Mark Sebba, and Sally Johnson (eds.), 135–160. Berlin/New York: Mouton de Gruyter. DOI logoGoogle Scholar
Watts, Richard J. 2000. “Mythical strands in the ideology of prescriptivism”. En The development of Standard English, 1300–1800, Laura Wright (ed.), 29–48. Cambridge: CUP.Google Scholar
Willems, Jan Frans. 1824. Over de Hollandsche en Vlaemsche schryfwyzen van het Nederduitsch. Antwerpen: Wed. J.S. Schoesetters. [Eerst verschenen in de Verhandeling over de Nederduytsche tael- en letterkunde].Google Scholar
Wils, Lode. 1956. “Vlaams en Hollands in het Verenigd Koninkrijk”. Dietsche Warande en Belfort: 527–536.Google Scholar
. 2003. Waarom Vlaanderen Nederlands spreekt. 3a edición. Leuven: Davidsfonds.Google Scholar